Als een Nederlandse fiets iets gewend is, dan is het wel tegenwind. Niet alleen letterlijk, ook figuurlijk. Gisteren ging Accell failliet, het moederbedrijf van iconische Nederlandse fietsmerken als Batavus en Sparta. Dat deze merken op de fles gingen, is niet voor het eerst.
Het in 1904 opgerichte Batavus moest in 1986 al eens de fabrieksdeuren sluiten. Sparta uit 1917 werd in 1999 op het randje van een faillissement gered. Opvallend is dat de problemen van toen veel lijken op die van nu.
Zo rekende Batavus zich indertijd rijk met een vermeende vraagexplosie naar fietsen. Het Friese bedrijf stak zich diep in de schulden om de productie uit te breiden. Maar: "Uit vrees voor diefstal koopt de consument liever een gebruikte fiets dan een nieuwe", treurden vakbondsleden in Trouw toen fabrieksmedewerkers bij het faillissement soms huilend naar huis werden gestuurd.
Sparta geloofde eind jaren tachtig heilig in de fiets met een motortje: de Spartamet. De motorblokjes die hiervoor nodig waren leidden tot een juridisch conflict over patentschending. Het bracht de fietsenmaker uit Apeldoorn in grote financiële problemen en het bedrijf werd gered door Accell, dat eerder al Batavus had gekocht.
Batavus-connectie
Accell kwam voort uit Atag, een verwarmingsbedrijf dat in 1992 opeens een fietsmerk had: Koga. Dat was in 1974 opgericht door Andries Gaastra, kleinzoon van de Batavus-oprichter met dezelfde naam.
In 1998 besloot Atag de fietsendivisie af te splitsen, in Accell. Het Britse fietsmerk Raleigh en het Franse Lapierre werden gekocht. Na tien jaar werkten ruim 3100 mensen in vijftien landen bij Accell.
De opkomst van de elektrische fiets sinds 2004 en de elektrische mountainbike sinds 2010 zorgden voor opwinding. Helemaal toen in 2020 e-bikes door de coronacrisis populairder dan ooit werden.
Accell had nieuwe merken als Haibike, Carqon en Babboe overgenomen en rekende op topverkopen. "Als je als fietsproducent niet meeging in de hausse rond e-bikes dan zwom je tegen de markt in", blikt een ingewijde op achtergrondbasis terug.
Onderdelen missen
In 2020 boekte Accell met 897.000 verkochte fietsen een winst van bijna 65 miljoen euro. Er ontstonden alleen problemen. Door de wereldwijde lockdowns kwamen onderdelen uit met name Azië niet aan. Kopers haakten af toen ze te lang op hun bestelde fiets moesten wachten.
In de verwachting dat alles snel weer normaal zou worden, stak Accell zich dieper in de schulden. De huisbanken leenden het concern 115 miljoen euro.
Dat leidde er in 2021 mede toe dat de schulden opliepen van zo'n 80 miljoen naar bijna 217 miljoen euro. Wel verkocht Accell in 2021 nog altijd 856.000 fietsen.
KKR
De Amerikaanse durfinvesteerder KKR rook zijn kans en nam Accell over. Door fabrieken samen te voegen gingen de productiekosten omlaag, dacht de nieuwe eigenaar.
Maar toen kwam rampjaar 2023. De bestellingen zakten in. KKR moest direct geld bijstorten, en ook schuldeisers zetten 600 miljoen euro om in aandelen van Accell.
Het centraliseren van de productie, oftewel het sluiten van fabrieken, moest sneller gebeuren. Maar toen knakten ook de frames van de elektrische bakfietsen van Babboe. Honderdduizenden fietsen moesten worden teruggeroepen en vergoed.
Schuld van 1,1 miljard euro
Ondertussen stonden er nog 340.000 fietsen met ontbrekende onderdelen bij Accell in de loods. In 2023 was er een verlies van bijna 390 miljoen euro. In 2024 waren de schulden opgelopen naar meer dan 1,1 miljard euro. Er werd meer dan een half miljard euro verlies geleden.
In 2025 sloot de fabriek van Batavus in Heerenveen. Daarmee kwam een einde aan de fietsproductie in Nederland. KKR gaf het begin dit jaar op. De verschillende schuldeisers kregen de aandelen van de Amerikaanse investeerder cadeau.
De schuldeisers gingen direct op zoek naar een overnamekandidaat. Diverse partijen meldden zich, bijvoorbeeld fietsconcern Tri Star Group uit Singapore. Aan de Duitse en Poolse mededingingsautoriteiten werd alvast goedkeuring voor een mogelijke fusie gevraagd.
Failliet
Maar de fusie mislukte en Accell vroeg uitstel van betaling aan. Nu het concern failliet is verklaard zien de curatoren dat een doorstart lastig wordt. "De groepsvennootschappen in verschillende Europese landen zijn op onderdelen operationeel en financieel van elkaar afhankelijk", somberen zij in een persbericht.
Wel last de rechter een "afkoelingsperiode" van twee maanden in. Daarin gaan de curatoren kijken of er opnieuw iemand toekomst ziet in merken als Batavus en Sparta.