Nederlands Dachau Comité wist dat kampverhalen 99-jarige niet klopten
Het Nederlands Dachau Comité weet sinds 2024 van de onwaarheden over het oorlogsverleden van Willem Wilbrink en heeft geprobeerd te voorkomen dat hij die verder zou verspreiden. Dat zegt voorzitter Wilmar Jaeger van de stichting tegen de NOS.
De 99-jarige Wilbrink was geregeld bij herdenkingen van de Tweede Wereldoorlog en op scholen om te vertellen over zijn oorlogsverleden en zijn tijd in concentratiekamp Dachau. Maar uit een publicatie deze week in het Historisch Nieuwsblad blijkt dat het zeer onwaarschijnlijk is dat hij daar heeft vastgezeten. Ook komt uit de publicatie naar voren dat andere beweringen die hij deed waarschijnlijk niet kloppen.
Naar eigen zeggen werd Wilbrink als 15-jarige opgepakt vanwege verzetswerk en naar het concentratiekamp bij München gebracht. Daar zou hij te werk zijn gesteld als lijksjouwer. In die hoedanigheid heeft hij naar eigen zeggen veertig mensen van de dood gered.
Dat deed hij door mensen die dood zouden zijn en naar de verbrandingsoven moesten maar nog in leven bleken, naar de ziekenboeg te brengen, beweerde hij.
Geen bewijsVolgens onderzoekers zijn er geen bewijzen voor deze uitspraken. Zo is er geen documentatie over zijn opsluiting in Dachau en is er geen kampnummer van hem bekend, terwijl juist in dit concentratiekamp, waar ruim 43.000 mensen om het leven kwamen, alles nauwkeurig werd bijgehouden.
Ook draagt Wilbrink onderscheidingen waarvan onbekend is hoe hij daaraan komt. Zo beweerde Wilbrink dat hij een een Poolse heldentitel had gekregen, maar uit onderzoek van RTL Nieuws blijkt dat zijn naam niet voorkomt in de archieven van het land, en dat de door Wilbrink genoemde titel niet bestaat.
Verder vertelde Wilbrink verhalen waar andere Dachau-overlevenden geen herinnering aan hadden en die volgens onderzoekers ook niet hebben plaatsgevonden. Ook komt Wilbrink niet voor in de verhalen van en over bekende mensen die in Dachau gevangen zaten, zoals die van priester en oorlogsheld Titus Brandsma.
Organisaties ingelicht over onwaarhedenJaeger zegt dat het Nationaal Dachau Comité ontdekte dat de verhalen van Wilbrink niet kloppen na het verschijnen van diens biografie. Dat boek vond de organisatie opmerkelijk omdat ze het verhaal van Wilbrink niet kenden.
Het Comité heeft daarom onderzoek gedaan en gesproken met historici, waarna de conclusie werd getrokken dat Wilbrinks verleden in Dachau is verzonnen. "We hebben vervolgens geprobeerd de verspreiding van het boek te laten stoppen en herdenkingscomités geïnformeerd dat het verhaal van Wilbrink niet klopt", zegt Jaeger.
Het Nationaal Comité Dachau heeft het nieuws over Wilbrink niet actief naar buiten gebracht omdat "we als geen ander weten wat een oorlogstrauma kan doen met de verhalen in je hoofd", zegt voorzitter Jaeger. "Wij zijn ervan overtuigd dat Wilbrink denkt dat hij dit heeft meegemaakt."
Jaeger stelt dat de organisatie empathie heeft en begrip wil hebben voor mensen met een oorlogstrauma, maar ook dat het belangrijk is dat de verhalen over de Tweede Wereldoorlog en Dachau op waarheid berusten. Daarom kan het comité nu niet niet anders dan duidelijk maken wat de werkelijkheid is, zegt hij. "Anders hebben we niets aan de lessen die we daar geleerd hebben."
Hoewel het Dachau-comité al in 2024 wist van de onwaarheden, was Wilbrink in 2025 nog bij de Nationale Herdenking Capitulaties 1945 in Wageningen. Minister Karremans schreef toen op LinkedIn dat hij "de eer had om naast Wilbrink te zitten".
De organisatie van de Wageningse herdenking wist niet van de onwaarheden in het verhaal van de 99-jarige, zegt een woordvoerder. Hij zegt dat Wageningen45 er niet over was ingelicht door het Nederlands Dachau Comité.
Volgens hem baseert de organisatie zich in de erkenning van veteranen en hun verhalen op deskundige instanties. "Wageningen45 heeft kennisgenomen van het artikel van Historisch Nieuwsblad en neemt dit zeer serieus", zegt hij tegen de NOS.
Voor de organisatie "staat voorop dat de verhalen die wij vertellen en de verschilmakers die wij eren, betrouwbaar en authentiek zijn", aldus de woordvoerder. "Zodat we de verhalen van veteranen met grote zorg en respect levend kunnen houden voor een breed publiek."
Nieuwsbrief Tweede WereldoorlogGeïnteresseerd in Tweede Wereldoorlog? Abonneer je dan hier op onze nieuwsbrief.