De op 95-jarige leeftijd overleden acteur Robert Duvall kreeg in zijn loopbaan veel prijzen, waaronder een Oscar, vier Golden Globes, de Britse Bafta-award en twee Emmy's. Maar zijn prijzenkast staat in geen verhouding tot de tientallen nominaties die hem ten deel vielen zónder dat hij de hoofdprijs kreeg.
Zo kwam hij maar liefst zeven keer in aanmerking voor een Oscar, die hij uiteindelijk dus maar één keer kreeg, voor zijn vertolking van een aan lagerwal geraakte countryzanger in Tender Mercies (1983).
Hij ging grondig te werk. In Tender Mercies zingt hij alle liedjes zelf en zet hij Mac Sledge, zijn personage, neer met een moddervet Texaans accent. Hij schreef ook eigenhandig enkele nummers voor de soundtrack. Inspiratie voor de rol deed hij op door honderden kilometers door Texas te rijden, in afgelegen dorpjes in gesprek te gaan met inwoners en op te treden in plattelandscafés.
Gevreesde maffiabaas
Regisseur Bruce Beresford van Tender Mercies zei: "Duvall kan helemaal opgaan in zijn rol. Hij verandert compleet in dat personage, in bijna griezelige mate."
Duvall zelf relativeerde die inspanningen: die waren lang niet altijd nodig, zei hij. Voor de invulling van de rol waarmee hij internationaal bekend werd, die van maffia-advocaat Tom Hagen in Francis Ford Coppola's The Godfather (1972), werd hij op het spoor gezet door een detail in een verhaal dat een vriend hem vertelde over een gevreesde maffiabaas in de New Yorkse wijk East Harlem.
Deze gangster verdroeg niemand in zijn directe omgeving, op één vertrouweling na die zijn drankjes mocht inschenken, hem een vuurtje mocht geven en hem zelfs mocht aanraken, "als een soort persoonsbeveiliger". "Daarmee had ik alles wat ik nodig had voor Tom Hagen." Het is bijna symbolisch voor zijn carrière: een belangrijke plek, maar vaak op het tweede plan.
Duvall werd voor zijn bijdrage aan The Godfather voor de eerste keer genomineerd voor Oscar, voor de beste bijrol. Hij zou de consigliere nog een keer spelen in het vervolg van de film (1974). Voor het derde deel uit 1990 bedankte hij: Duvall vond het onrechtvaardig dat hoofdrolspeler Al Pacino drie of vier keer zoveel betaald kreeg als hij ("het dubbele had ik redelijk gevonden").
Uitzinnige scène
Een andere bijrol, bekroond met een Golden Globe en een Bafta-award, was die van luitenant-kolonel Killgore in Apocalypse Now (ook van Coppola). Hij is maar even in de film te zien, maar Duvall schreef filmgeschiedenis met een uitzinnige scène waarin hij filosofeert over napalm, het benzinemengsel dat de Amerikanen in Vietnam in brandbommen gebruikten om in luttele seconden hele dorpen uit te moorden. Het leverde een van de meest memorabele monologen uit de filmgeschiedenis op.
"I love the smell of napalm in the morning", een historische oneliner:
Robert Duvall werd in 1931 geboren in San Diego als tweede zoon van een marineofficier. Hij diende in het leger tijdens de Korea-oorlog en volgde daarna in New York een acteeropleiding bij de gerenommeerde docent Sanford Meisner. Onder zijn klasgenoten waren latere Hollywoodgrootheden als Dustin Hoffmann, Gene Hackman (met die twee deelde hij ook een woning) en James Caan.
Duvall stond jarenlang in het theater en kreeg steeds grotere rollen, ook op Broadway, zoals de hoofdrol in A View from the Bridge van Arthur Miller. Verder was hij veel te zien in tv-series, vooral in de genres 'actie' en 'misdaad'.
In 1962 stond hij voor het eerst in een speelfilm, naast Gregory Peck in To Kill a Mockingbird. Een bijrol, maar zoals vaker wel een opvallende, die van de zwakbegaafde Boo Radley.
In de loop van de jaren 60 verscheen hij vaker op het witte doek, zoals in de cultfilm Bulllit, met Steve McQueen in de hoofdrol, waarin hij te zien is als taxichauffeur. Pas vanaf begin jaren 70 brak hij echt door. In 1970 speelde hij een hoofdrol in de film MASH. Daarna volgde The Godfather. In 1977 vertolkte hij de hoofdrol in een stuk van David Mamet, American Buffalo, in de hoop dat dat hem "betere filmrollen" zou opleveren.
Een nieuw hoogtepunt was de mini-tv-serie Lonesome Dove (1989) waarin hij een gepensioneerde Texas Ranger neerzette, door Duvall zelf gezien als een van zijn beste rollen. Hij kreeg er een Golden Globe voor en werd genomineerd voor een Emmy. Hij ging ook films en documentaires regisseren en scenario's schrijven, zoals voor The Apostle (1997), waarin hij zelf de hoofdrol van evangelist op zich nam (met weer een Oscarnominatie), en Wild Horses (2015).
Macabere figuren
Robert Duvall werkte mee aan ruim 120 films, tientallen tv-series en honderden theaterproducties. Hij wist niet van ophouden. Soms kreeg hij het compliment dat zijn personages bigger than life waren. Onzin, vond hij. "Niets is groter dan het leven zelf. Als je dat nastreeft ga je pushen, doen alsof. Het gaat erom dat je het gevoelsleven van je personage te pakken krijgt."