In ongeveer de helft (51 procent) van alle buurten en dorpen is de afgelopen vijf jaar de bereikbaarheid van noodzakelijke voorzieningen zoals de huisarts, basisschool, kinderopvang of de supermarkt verslechterd. Dat blijkt uit een analyse van CBS-data door de regionale omroepen in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart.
In een op de vijf buurten en dorpen zijn daadwerkelijk een of meerdere soorten voorzieningen verdwenen. Dat betekent dat je voor die voorziening in 2024 verder dan 1 kilometer moest reizen. In de overige buurten is de afstand verder gegroeid tot voorzieningen die al langer niet heel dichtbij waren.
De teruggang in deze voor de leefbaarheid belangrijke voorzieningen beperkt zich niet tot de uiterste randen van het land. Dorpen in de Betuwe hebben hier net zo goed last van. Maar ook in steden komt het voor dat bijvoorbeeld verlieslijdende buurtsupers in kleinere winkelstraten sluiten en de wijk daarna is aangewezen op een grote supermarkt verderop.
Café dicht, wel een borrel
De gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek laten duidelijk zien waar de klappen vallen. De regionale omroepen vergeleken de meest recente gegevens van 10.000 'buurten', uit 2024, met die van 2019, het vroegst vergelijkbare jaar waarover gegevens beschikbaar zijn. Daardoor zijn verschillen over een periode van vijf jaar zichtbaar.
Een voorbeeld is Varik, een dorp met zo'n duizend inwoners in de gemeente West Betuwe, waar in de onderzochte periode het café uit het dorp verdween. Dat gebeurt in veel meer plaatsen; het is een van de belangrijkste oorzaken van de oplopende afstanden tot voorzieningen. In Varik wordt inmiddels wel iedere vrijdag een borrel gehouden.
In het buurdorp Ophemert (1650 inwoners) sloot de supermarkt zijn deuren, waardoor de lokale bevolking nu bijna 5 kilometer moet rijden voor boodschappen. Op de vroegere plek van de supermarkt zijn inmiddels appartementen gebouwd.
Tegen de trend in is zo'n 15 procent van de buurten er de laatste vijf jaar juist op vooruitgegaan. Concreet betekent dit dat zich in bijna een op de tien buurten een of meerdere soorten voorzieningen hebben gevestigd. In de overige gevallen zijn voorzieningen dichter bij een buurt terechtgekomen.
Het Gelderse Maasbommel is zo'n voorbeeld. Het kreeg er drie primaire voorzieningen bij: een winkel voor dagelijkse levensmiddelen, een cafetaria en een buitenschoolse opvang. Bij dorpen die erop vooruitgaan, valt op dat dit vaak komt doordat een buitenschoolse opvang zich in (de nabijheid van) een buurt heeft gevestigd.
Buitenbeentje Castelré
Het Brabantse Castelré was in 2024 de meest afgelegen buurt van Nederland. Castelré is niet echt een dorp, meer een verspreide groep huizen met 125 bewoners in de gemeente Baarle-Nassau. Een uitzonderlijke plek, want de buurt wordt vrijwel geheel omringd door België en is slechts door een strook land van 200 meter aan Nederland verbonden.
De inwoners moeten volgens de cijfers daardoor gemiddeld een kleine 10 kilometer afleggen om in Nederland van de primaire voorzieningen gebruik te maken. De werkelijkheid is minder dramatisch: de Belgische plaats Hoogstraten (22.000 inwoners) ligt op een steenworp afstand.
Verst van de voorzieningen
Als we kijken naar échte dorpen en buurtschappen van meer dan 250 inwoners ligt Ketelhaven (625 inwoners) in Flevoland het verst van de voorzieningen, gemiddeld 8,1 kilometer. Ketelhaven is een voormalig recreatiepark bij Dronten dat permanent wordt bewoond.
De buurtschap heeft wel een verwarmd buitenzwembad, maar de bewoners zijn voor de basisschool, kinderopvang, huisarts en supermarkt aangewezen op Dronten, ruim 8 kilometer verderop. Dat is al het geval sinds Ketelhaven er ligt.
Verantwoording
Het grondgebied van Nederland is opgedeeld in 14.574 'buurten'. Het CBS houdt van deze buurten bij wat de afstand is tot zo'n dertig voorzieningen. Voor onze analyse beperken we ons tot de negen meestgebruikte voorzieningen die het belangrijkst zijn voor de dagelijkse leefbaarheid in een woonomgeving.
Dat zijn de supermarkt, overige levensmiddelen, de basisschool, het kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang, de bibliotheek, de huisarts, een cafetaria en een café. Buiten beschouwing laten we categorieën als ziekenhuis, hotel, restaurant, treinstation, voortgezet onderwijs, bioscoop, museum en poppodium.
Van 10.517 buurten zijn data van zowel 2019 als 2024 beschikbaar. De resterende buurten vallen af omdat tussentijds hun grenzen of coderingen zijn veranderd. We hanteren een ondergrens van 250 bewoners per buurt én er moet sprake zijn van flink wat huizen bij elkaar. Daarmee vallen buurten af met namen als 'Verspreide huizen Zorgvlied' en 'Buitengebied Nieuwvliet'. Ook vakantieparken, die soms als buurt worden aangeduid, tellen niet mee.