Lokale politiek loopt geld mis door uitblijven wet
Lokale politieke partijen willen dat de overheid vaart maakt met het behandelen van een wet die hen meer financiële steun biedt. Het gaat om de Wet op politieke partijen (Wpp), die nog in behandeling is.
In de wet is er specifiek aandacht voor lokale politieke partijen met en zonder afdelingen van landelijke politieke partijen. De wet moet jaarlijks ruim 8 miljoen euro voor hen regelen, maar het geld blijft op de plank liggen zolang de wet nog niet door de Tweede Kamer is.
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) roept de Tweede Kamer nu op om tijdelijk een alternatieve route mogelijk te maken, zodat het geld al eerder bij de lokale partijen terechtkomt.
Geen structurele steunDe huidige wet uit 2013, de Wet financiering politieke partijen (Wfpp), voorziet alleen in subsidie voor landelijke partijen. Lokale partijen, zeker die zonder landelijke moederpartij, vallen daardoor buiten de boot. Dat terwijl zij in veel gemeenten een dominante rol spelen. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 kregen partijen zonder landelijke tak meer dan 30 procent van de stemmen.
De huidige wet werd in 2017/2018 geëvalueerd door de commissie-Veling. Deze commissie gaf toen al aan dat er een financiële regeling voor lokale partijen moest komen. In 2019 kondigde toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Ollongren aan dat er een nieuwe wet zou komen.
Die nieuwe wet, de Wpp, regelt onder andere structurele subsidie voor lokale partijen, maar ook strengere transparantie-eisen en regels rond partijverboden. In mei 2025 stuurde toenmalig minister Uitermark het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer. De wet is sindsdien in behandeling en dus nog niet in werking getreden.
Verschillen tussen lokale politieke partijenVolgens de voorgestelde regeling in de nieuwe wet krijgen lokale partijen subsidie per zetel, afhankelijk van het aantal inwoners van de gemeente. In gemeenten tot 40.000 inwoners gaat het om 658 euro per zetel per jaar, oplopend tot ruim 1600 euro per zetel in de grootste gemeenten. Voor een gemiddeld lokale partij betekent dat dat ze er enkele duizenden euro's per jaar krijgen.
"Dat klinkt misschien niet spectaculair," zegt Joost Kersten, raadslid van lokale partij Kernachtig Wijchen, "maar wij zijn geen onderdeel van een landelijke politieke partij en betalen de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen grotendeels uit eigen zak". Zo heeft zijn partij dit jaar voor ongeveer 6000 euro aan posters laten drukken. Voor nieuwe campagnejasjes was dit keer geen geld.
"Voor ons betekent die wet met het extra geld het verschil tussen wel of geen fatsoenlijke campagne en wel of geen opleidingen voor kandidaat-raadsleden", aldus Kersten.
VNG: laat gemeenten tijdelijk uitkerenVoor partijen met een landelijke achterban ligt dat anders. Zij profiteren van centrale inkoop van flyers en posters, landelijke fondsen en afdrachten. Zo ook Kim Faber, fractievoorzitter van GroenLinks-Pvda Veenendaal. "We delen voor de campagne dit jaar appels uit, dat regelen we zelf. Maar de posters en flyers krijgen we van de partij."
Omdat de wet nog in behandeling is, heeft de VNG onderzocht of het geld tijdelijk via gemeenten kan worden uitgekeerd. Dat kan, volgens de VNG, via het gemeentefonds. Gemeenten kunnen de middelen daarna verstrekken aan politieke partijen die hiervoor een aanvraag indienen.
De VNG wil dat het voorstel nog deze week tijdens de begrotingsbehandeling aangenomen wordt.
Brief namens lokale partijenKersten sluit zich aan bij de oproep van de VNG en roept de Kamer middels een brief op om gehoor te geven aan het initiatief van de VNG. Inmiddels hebben negentig lokale partijen en één burgemeester zonder landelijke partij zijn brief ondertekend. Kersten is van plan de brief morgen aan de Tweede Kamer te sturen.
Het ministerie van Binnenlandse Zaken laat weten dat de minister aanstaande woensdag met de Tweede Kamer over de begroting overlegt en niet vooruit wil lopen op de Kamerbehandeling.